NtVP webinar “Systemisch racisme, trauma en de GGZ: Hoe zit dat bij jou?”

Verslag door: Marie-Louise Kullberg, Sophie van Leeuwen en Michaela Schok

Vanuit ruim 120 huiskamers werd op woensdagavond 16 september 2020 naar de presentaties geluisterd van Danielle Oprel, Indra Boedjarath en Glenn Helberg tijdens de NtVP webinar “Systemisch racisme, trauma en de GGZ”. Via de Question & Answer (Q&A)-functie stelden deelnemers vragen aan de sprekers en Samrad Ghane leidde een paneldiscussie met de drie sprekers en Cynthia Blanker en Omar van Ommeren.

Danielle Oprel: “Er kunnen twee zwijgen in de therapiekamer”

In een videoblog deelde Danielle Oprel haar visie op het bespreken van racisme in de therapiekamer met ons. Veel witte therapeuten zien racisme om zich heen en willen hier iets aan doen, maar vinden het onderwerp ingewikkeld en zijn bang de verkeerde woorden te gebruiken. Tegelijkertijd kan het voor een cliënt van kleur kan lastig zijn om met een witte therapeut te praten over racisme. En zo dreigt dat er twee zwijgen in de therapiekamer.

Het is dan de taak van de therapeut om deze stilte te doorbreken. Zij zijn immers opgeleid om goed te luisteren en emoties te valideren. Hiervoor is in de eerste plaats kennis nodig over racisme, daarnaast is introspectie van belang. Ook hierin zijn therapeuten geschoold. Onderzoek het effect van je eigen kleur en de effecten daarvan op je behandelingen en behandelrelaties. Gewapend met deze kennis, kun je beter luisteren naar je cliënt. Het momentum kan nu worden gegrepen om racisme en discriminatie bespreekbaar te maken in de therapiekamer. Door het gesprek aan te gaan, laat je de cliënt weten dat er ruimte voor is in de therapiekamer.

 “Wees duidelijk dat er plaats is voor deze onderwerpen, ook wanneer de hype voorbij is.”

Indra Boedjarath: Racisme en trauma – een cliëntperspectief

Indra Boedjarath besprak de definitie van racisme: “een systeem van voor- en nadelen op basis van ras”. Ook kan er sprake zijn van secundair racisme wanneer men wordt blootgesteld aan racisme ervaren door familie en anderen. We spreken van institutioneel racisme wanneer bevolkingsgroepen al dan niet opzettelijk systematisch worden uitgesloten, gemarginaliseerd en gediscrimineerd door formele of informele regels vanuit instituties. Ras is een sociaal construct. Hoewel men vroeger anders beweerde, is er geen genetische basis voor ras en de verschillen binnen de vermeende menselijke rassen zijn groter en ingrijpender dan de verschillen tússen die groepen. De bewering van Hernstein en Murray (1994) dat zwarte mensen van nature minder intelligent zouden zijn is een klassiek voorbeeld van de bijdrage die wetenschappers kunnen leveren aan racisme en discriminatie door middel van een publicatie.

De effecten van racisme op mensen zijn groot en kunnen doorwerken van generatie op generatie. Racisme leidt tot (chronische) stress en kan traumatiserend werken. Dit is zeker het geval wanneer onderdrukkingsfactoren zich opstapelen, zoals huidskleur, gender en geaardheid. We spreken dan van intersectionaliteit.

Met betrekking tot racisme zijn er verschillende valkuilen voor hulpverleners. Zij zijn zich vaak onvoldoende bewust van de rol van racisme in hun werk en herkennen racistisch trauma niet. Doordat zij proberen kleurenblind te zijn, kan een cliënt zich niet gehoord voelen. Ook kan hertraumatisering ontstaan, wanneer een hulpverlener verschillen uitvergroot door bijvoorbeeld een cliënt door te verwijzen naar een therapeut van kleur. Cliënten zijn zelf ook vaak terughoudend om racisme ervaringen te delen met witte hulpverleners. Het is daarom uitermate belangrijk om ervaringen met racisme uit te vragen. Helaas zijn behandelingen vaak vooral gericht op witte cliënten en niet op maat voor mensen van kleur.

‘In onze evidence-based wereld moeten we creatief en flexibel blijven werken en behandelingen op maat maken. De cliënt moet zich niet aanpassen aan de behandeling, maar de behandeling aan de cliënt.’

Glenn Helberg: “Onderzoek de afweermechanismen in onszelf”

Glenn Helberg begon zijn betoog met een voorbeeld van racisme in psychiatrisch onderzoek: “In onderzoek naar het bepalen van een genetisch profiel voor medicamenteuze behandeling van een psychische stoornis, werden drie onderzoeksgroepen onderscheiden: Afro-Amerikanen, Latino-Amerikanen en Amerikanen. Welke bias is hier ingeslopen?” Helberg liet hier zien dat de zwarte mens vaak wordt gezien als ‘de ander’. De witte mens ziet zichzelf als de norm, of beter gezegd: het witte systeem is de norm.

Vervolgens beschreef hij aan de hand van een casus wat de psychische gevolgen kunnen zijn wanneer iemand zich zijn hele leven ‘de ander’ voelt en systematisch wordt gediscrimineerd.

“Niet alleen vragen of iemand racistisch bejegend is, is belangrijk, maar ook leren begrijpen wat uitsluiting met ons emotionele brein doet”

Helberg benadrukte dat we racisme in stand houden door de afweermechanismen in onszelf. Deze worden van generatie op generatie overgedragen. Voorbeelden van dergelijke mechanismen zijn: rationaliseren, cognitieve dissonantie en normaliseren. Zelfonderzoek naar heilige huisjes helpt, om zo racisme bij jezelf aan de kaak te stellen. Bewustwording kan zo de eerste stap zijn naar een verandering van het systeem. Dit geldt juist ook voor psychologen en psychiaters. Als we racisme ontkennen in het vak, kunnen we niet de bijdrage leveren die we willen. Pas als je begrijpt hoe racisme werkt in ons, zijn we in staat om op een andere manier te zien, denken, voelen, handelen en spreken.

Antwoorden op twee belangrijke vragen in de paneldiscussie:

  1. Wat kunnen wij als therapeuten anders doen?

Cynthia Blanker gaf antwoord: “In de eerste plaats is het belangrijk om kennis te hebben van racistische systemen en de brede context waarin een cliënt zich bevindt en de sensitiviteit te vergroten m.b.t. systemisch racisme. Het brengt spanning mee en de cliënt vermijdt dat. Cliënten denken vaak dat ze niet mogen klagen, omdat ze anders voor overgevoelig of zeurpiet worden uitgemaakt, niet worden geloofd, of nog erger; worden genegeerd.” Daarom het advies aan therapeuten: Vraag ernaar.

Een aantal tips op een rijtje:

  1. Vraag naar de bredere culturele context van de cliënt, staar je niet blind op het klinisch beeld
  2. Exploreer het mechanisme achter machtsverschillen/ wees bewust van machtsverhoudingen
  3. Let op het risico van de opstapeling van micro-agressies
  4. Wees bewust van het problematische intersectionaliteit (de opsomming van arm, zwart, homoseksueel, overgewicht, werkeloos etc.), dit kan een cliënt extra kwetsbaar maken
  5. Wees proactief als behandelaar
  6. Cliënten vermijden het bespreekbaar maken van racisme, let op cues als opening voor het gesprek

Boedjarath en Helberg kaartten het probleem van goed bedoelde ‘kleurenblindheid’ aan: “je ontkent de werkelijkheid waarin iemand leeft. Er is kleur, er is 400 jaar lang beleid op gemaakt, erken dat er kleur is en dat je er samen iets aan wil doen”

  1. Hoe kunnen we als GGZ meer oog hebben voor impliciete vormen van uitsluiting die in onze praktijk aanwezig zijn? Hoe kunnen we zorgsystemen inclusiever maken?

Samen gaven Indra Boedjarath, Omar van Ommeren en Danielle Oprel praktische handvatten:

  1. Niet uitzoomen, maar inzoomen: ga verder dan kennis vergaren over een bepaalde groep, maar zoom in op de specifieke cliënt;
  2. Reflecteer in supervisie, intervisie of leertherapie op het racisme waar je mee in aanraking bent geweest en weet hoe er hoe er geïnternaliseerd racisme of onderdrukking in jou zit. Leer waar jouw blinde vlekken zitten.
  3. Heb het lef om af en toe af te wijken van wat je al weet en van het protocol;
  4. Besteed meer aandacht aan interculturele psychiatrie, racisme en discriminatie in de opleidingen;
  5. Probeer de cliënt in zijn geheel te zien: neem racisme hier ook in mee, je mist een essentieel stuk van de cliënt als je dit niet bespreekt en erkent
  6. Check of wat je toepast in de behandelkamer is ingegeven is door een meerderheid, zitten daar racistische trekken in? Sluit je bepaalde groepen uit?

Oprel vult nog aan: ‘er zal ook gekeken moeten worden naar racisme in instituties. Wat gebeurt er met het onderwerp racisme in de opleidingen? En in de GGZ-instellingen? Systemische veranderingen kunnen we niet alleen. Hoe kunnen we collega’s meenemen?’ ‘Door bijvoorbeeld te leren van onze strijd tegen seksisme’, antwoordt Boedjarath.

Cynthia Blanker: “We moeten realiseren dat het ongemakkelijke gesprekken zullen zijn. Systemen geven zich niet zomaar gewonnen.”

Literatuur

Chou, T., Asnaani, A., & Hofmann, S. G. (2012). Perception of racial discrimination and psychopathology across three US ethnic minority groups. Cultural Diversity and Ethnic Minority Psychology, 18(1), 74.

Facemire, V. C. (2018). Understanding the Insidious Trauma of Racism: An Exploration of the Impact of Racial Socialization, Gender, and Type of Racist Experiences (Doctoral dissertation, University of Akron).

Heard-Garris, N. J., Cale, M., Camaj, L., Hamati, M. C., & Dominguez, T. P. (2018). Transmitting trauma: A systematic review of vicarious racism and child health. Social Science & Medicine, 199, 230-240.

Kim, H. G., Kuendig, J., Prasad, K., & Sexter, A. (2020). Exposure to racism and other adverse childhood experiences among perinatal women with moderate to severe mental illness. Community mental health journal, 1-8.

Oprel, D. (2020). #blacklivesmatter in de therapiekamer. Tijdschrift voor de Psychotherapie, 46(4), 294-296.

Williams, D. R., Lawrence, J. A., & Davis, B. A. (2019). Racism and health: evidence and needed research. Annual review of public health, 40, 105-125.

Over de sprekers:

Danielle Oprel

Danielle Oprel werkt als klinisch psycholoog-psychotherapeut en wetenschappelijk medewerker bij PsyQ in Den Haag. Daarnaast is zij als buitenpromovendus verbonden aan de Universiteit Leiden en de Parnassia Groep. Zij onderzoekt de behandeling van volwassenen met een posttraumatische stressstoornis als gevolg van vroegkinderlijk trauma. Danielle is (hoofd-)docent bij de psychotherapieopleiding van de RINO Groep en geeft supervisie over psychotherapie, schematherapie, CGT en EMDR. Als vaste columnist bij het Tijdschrift voor Psychotherapie reflecteert zij met regelmaat op de uitoefening van psychotherapie. In die rol schreef zij ook diverse columns over racisme en discriminatie.

Indra Boedjarath

Indra Boedjarath heeft zich als gz-psycholoog/psychotherapeut toegelegd op de transculturele en genderspecifieke psychotherapie. Zij werkt vanuit een eigen praktijk en bij een ggz-instelling. Voorheen was ze directeur van Mikado, het landelijk kenniscentrum interculturele zorg. Op dit moment legt ze de laatste hand aan haar promotieonderzoek over suïcide en cultuur. Verder verzorgt zij regelmatig publicaties, lezingen, trainingen en colleges over interculturele hulpverlening.

Glenn Helberg

Glenn Helberg is psychiater. Hij specialiseerde zich binnen het UMCG en het UMCU in de kinder- en jeugdpsychiatrie. In al zijn activiteiten brengt hij kennis in over intersectionaliteit in de maatschappij en in de GGZ. Hij werd voorzitter van de Antilliaanse belangenorganisatie Ocan, lid van de Raad van Advies van het College voor de Rechten van de Mens, was voorzitter van de Denktank Sociale Cohesie en sinds kort lid van het bestuur van de Gay Pride. Hij ontving de Koninklijke onderscheiding Ridder in de Orde van Oranje Nassau voor zijn inzet voor de maatschappelijke positie van Antillianen en Arubanen en hem werd de Black Achievement Award oeuvreprijs toegekend. In 2017 was hij te gast bij Zomergasten en momenteel is hij te zien in de zesdelige televisieserie de ‘Therapist’.

Omar van Ommeren

Omar van Ommeren is werkzaam als psycholoog en psychotherapeut in opleiding, werkzaam bij Praktijk Willemspark in Den Haag. Naast zijn opgedane ervaring met transcultureel werken, heeft hij vanuit eigen ervaring aan den lijve ondervonden hoe transculturele problematiek van invloed kan zijn op je ontwikkeling als persoon. Zijn ambitie is om hierover bewustwording binnen ons werkveld te vergroten.

Samrad Ghane

Samrad Ghane is als gz-psycholoog, medisch antropoloog en senior onderzoeker verbonden aan Parnassia Groep en ARQ Nationaal Psychotrauma Centrum. Daarnaast is hij voorzitter van de Special Interest Group (SIG) Culturele Diversiteit van de NtVP, welke betrekking heeft op de diagnostiek en behandeling van psychotrauma bij cultureel andere patiënten.

Cynthia Blanker

Cynthia Blanker werkt in Ziekenhuis Rivierenland als consultatief liaison psychiater en is voorzitter van de Raad van Bestuur van GGZ-instelling Psychiatrie Rivierenland. Zij doet onderzoek naar beschermende factoren voor de effecten van vroegkinderlijke traumata op inadequate responsen op volwassen leeftijd. Zij is geïntrigeerd door de hardnekkige gezondheidsverschillen tussen bevolkingsgroepen.

© 2021 NTVP - All Rights Reserved