Neurocognitieve, emotionele en neuro-endocriene correlaties van blootstelling aan seksueel geweld bij vrouwen

Originele titel: Neurocognitive, emotional and neuroendocrine correlates of exposure to sexual assault in women

Auteurs: Quidé Y, Cléry H, Andersson F, Descriaud C, Saint-Martin P, Barantin L, Gissot V, Carrey Le Bas MP, Osterreicher S, Dufour-Rainfray D, Brizard B, Ogielska M, El-Hage W.

Achtergrond: Slachtoffers van seksueel geweld zijn kwetsbaar voor negatieve psychologische en fysieke uitkomsten op de lange termijn. Maar een paar studies hebben de veranderingen in cognitie, emotionele verwerking en hersenfunctie in vroege stadia na seksueel geweld onderzocht. De onderzoekers gebruikten een multimodale benadering om de cognitieve- en emotionele samenhang te identificeren die geassocieerd wordt met seksueel geweld bij vrouwen.

Methode: Zevenentwintig vrouwelijke slachtoffers van seksueel geweld werden geincludeerd binnen 4 weken nadat de traumatische gebeurtenis had plaatsgevonden. Deze groep werd vergeleken met 20 vrouwen met eenzelfde leeftijd. De participanten ondergingen een functionele MRI terwijl zij cognitieve en emotionele taken moesten uitvoeren (n-back, emotional go/no-go, mental imagery). Ook de dagelijkse cortisol in speeksel werd gemeten en de onderzoekers voerden neuropsychologische testen uit om de capaciteit op het gebied van aandacht en geheugen te meten.

Resultaten: In vergelijking met de controle groep hadden slachtoffers van seksueel geweld lagere cortisol niveaus in de ochtend en vertoonden zij een verminderde aandacht. Er werden geen verschillen geobserveerd tussen de groepen in hersenactiviteit tijdens de n-back of mental imagery taken. Tijdens de emotionele go/no-go taak lieten de slachtoffers van seksueel geweld een gebrek aan deactivatie zien in de dorsale anterior cingulate cortex wanneer zij emotioneel materiaal moesten verwerken, in tegenstelling tot wanneer zij neutraal materiaal moesten verwerken. Exploratieve analyses in de slachtoffergroep gaven aan dat positieve emotionele (blije) inhoud interfereerde met respons-inhibitie, en positief geassocieerd was met cerebellaire activatie bij het denken aan positieve (blije) herinneringen.

Limitatie: De kleine steekproef was de hoofdzakelijke beperking van dit onderzoek.

Conclusie: Disfuncties in de dorsale anterior cingulate cortex en het cerebellum kunnen mogelijk vroege functionele hersenveranderingen weergeven waarbij hogere cognitieve processen veranderen als er emotioneel materiaal betrokken is.

Het gehele onderzoek is hier te lezen:Neurocognitive, emotional and neuroendocrine correlates of exposure to sexual assault in women

CategoryNieuws
© 2018 NTVP - All Rights Reserved