Een nieuw perspectief op PTSS symptomen na een traumatische versus een stressvolle belangrijke gebeurtenis en de rol van gender.

Auteurs: Lisa J. M. van den BergMarieke S. TollenaarPhilip SpinhovenBrenda W. J. H. Penninx & Bernet M. Elzinga

Originele titel: A New Perspective on PTSD Symptoms after Traumatic vs Stressful Life Events and the Role of Gender

Achtergrond: Intrusieve traumatische herinneringen zijn een kern symptoom van posttraumatische stressstoornis (PTSS), daarom is het erg belangrijk om het optreden ervan te verstoren. Ontwikkeling van intrusies werd belemmerd door visueel-ruimtelijke interventies die tot 24 uur na analoog trauma werden toegepast. Het is onduidelijk of interventies ook later toegepast kunnen worden, en of modaliteit of de belasting van het werkgeheugen cruciale factoren zijn.

Doel: Deze studie testte: 1. Of een visueel-ruimtelijke opdracht zou leiden tot minder intrusieve herinneringen in vergelijking met een alleen-reactivatie groep wanneer die zou worden toegepast na geheugen reactivatie 4 dagen na blootstelling aan analoog trauma (uitgebreide replicatie), 2. Of beide taken (dus een visueel-ruimtelijk gericht taak en de andere meer verbale taak) zou leiden tot minder intrusieve herinneringen dan de alleen-reactivatie groep (interventie effect), en 3. Of de veronderstelde taakmodaliteit (visueel-ruimtelijk of verbaal) een cruciale component is (modaliteit effect).

Methode: 54 deelnemers werden gerandomiseerd ingedeeld in drie groepen: reactivatie+Tetris (visueel-ruimtelijk), reactivatie+woord spelletjes (verbaal) of alleen reactivatie (geen taak). Ze keken daarna naar een aversieve film (dag 0) en deden verslag van intrusieve herinneringen aan de film in dagboek A. Op de 4e dag werd het geheugen gereactiveerd, waarna de deelnemers 10 minuten lang Tetris of woordspelletjes speelden, of ze kregen geen taak. Ze hielden daarna een tweede dagboek (B) bij. Informatieve hypothesen werden geëvalueerd met gebruik van Bayes factoren.

Resultaten: Reactivatie+Tetris en reactivatie+woord spelletjes resulteerden in minder instrusieve herinneringen dan alleen reactivatie vanaf de laatste dag van dagboek A tot de eerste dag van dagboek B (doel 1 en 2). Beide taken waren dus effectief, zelfs wanneer ze toegepast werden dagen na het analoge trauma. Alleen reactivatie was niet effectief. Reactivatie+woord spelletjes leken te leiden tot minder intrusieve herinneringen dan reactivatie+Tetris (doel 3: modaliteit effect), maar dit bewijs was zwak. Verkennende analyses lieten zien dat woord spelletjes moeilijker zijn dan Tetris.

Conclusies: Het toepassen van een taak 4 dagen na de trauma film (gedurende geheugen -herconsolidatie) was effectief. Er kunnen geen conclusies worden getrokken over vraag over modaliteit versus de belasting van het werkgeheugen.

Trefwoorden: Trauma film, posttraumatische stressstoornis, PTSS, intrusies, reconsilidatie, intrusieve herinnering, onvrijwillige herinnering, mentale beelden, werkgeheugen

APA formaat citatie: van, d. B., Tollenaar, M. S., Spinhoven, P., Penninx, B. W. J. H., & Elzinga, B. M. (2017). A new perspective on PTSD symptoms after traumatic vs stressful life events and the role of gender. European Journal of Psychotraumatology, 8(1), 1380470. doi:10.1080/20008198.2017.1380470

Dit artikel is online gepubliceerd op 13 november 2017. 

Vertaling: Diana van Oort

© 2018 NTVP - All Rights Reserved