Dwang en Walging centraal tijdens lezingen Anja Lok en Janetta Bos

Lezingen Anja Lok en Janetta Bos, d.d. 21 januari 2016, Vredenburg 19 Utrecht

Als tweede bijeenkomst in de lezingencyclus van de NtVP kwamen de aspecten dwang en walging in de context van trauma aan bod.

Trauma en OCS: de specifieke rol van walging (Anja Lok, AMC)

Dwanggedachten (obsessies) en dwanghandelingen (compulsies) komen in zowel de obsessief-compulsieve stoornis (OCS) als in PTSS voor. Trauma is zeer prevalent onder patiënten met OCS hoewel comorbide PTSS niet altijd gediagnosticeerd wordt. Wanneer in behandeling OCS-symptomen verminderen, lijken de PTSS-symptomen juist op de voorgrond te treden en vice versa. Door deze aspecten wordt gesuggereerd dat OCS en PTSS zich mogelijk op eenzelfde continuüm bevinden of dat OCS gezien kan worden als copingstrategie bij ernstige PTSS (Gershuny et al., 2003). Is er misschien ook sprake van posttraumatische OCS? Diverse theorieën ondersteunen dit. Het concept walging (disgust) komt vaak voor bij vormen van OCS waarbij vrees is voor besmetting of bij PTSS na seksueel misbruik (Badour et al., 2012). Het concept verraad (betrayal) speelt vaak een rol in zowel OCS als PTSS, waarbij het draait om het gevoel geschaad te zijn door de bewuste acties of inacties van een vertrouwd ander (Rachman, 2010). Dit leidt tot het gevoel meer op het zelf te moeten vertrouwen, verhoogde waakzaamheid, achterdocht en controlehandelingen. Bepaalde ervaringen in de vroege jeugd kunnen leiden tot een vergroot verantwoordelijkheidsgevoel voor nare dingen in het leven (Briggs & Price, 2009; Fontenelle et al., 2009). Ten slotte spelen gen-omgevingsinteracties een rol bij de ontwikkeling van OCS door trauma (LaFleur et al., 2011).

Walging en PTSS (Janetta Bos, Centrum ’45)

Tot op heden is de meeste aandacht binnen het PTSS-veld uitgegaan naar de rol van angst. Walging is echter vaak betrokken bij het ziektebeeld van PTSS-patiënten. Om dit beter te begrijpen is het goed te kijken naar het doel van emoties. Verdriet heeft als doel om te herstellen van verlies, angst om verdere of toekomstige schade te voorkomen, walging om besmetting te voorkomen. Die besmetting kan ook een mentale vorm aannemen, jezelf zo vies voelen dat het niet meer weg te wassen valt. Zelfwalging is de afkeer van jezelf en kan gevolg zijn van trauma. In de klinische setting kan dit bijdragen aan ineffectiviteit van de behandeling om dat het zou kunnen aanzetten tot het vermijden te denken aan aspecten van de traumatische herinnering waarbij het zelf centraal staat.

Walging kan gezien worden als onderscheidend kenmerk van PTSS ten opzichte van depressie, pijn of geen diagnose, meer dan andere symptomen van PTSS. De intensiteit van walging tijdens het trauma voorspelt de ernst van PTSS-symptomen onder militairen (Engelhard et al., 2011). Bij seksueel geweld draait walging om het gevoel van onreinheid en besmetting door contact met lichaamsvloeistoffen. Een kwart van de vrouwen ervaart een jaar na seksueel geweld nog de dwang tot wassen (Fairbrother & Rachman, 2004). Na seksueel misbruik is de vermijding of weerzin niet zozeer ingegeven om toekomstige aanraking met iets viezigs te voorkomen, maar eerder door het willen voorkomen dat akelige of traumatische herinneringen worden geactiveerd (De Jong & Borg, 2013). Personen met PTSS rapporteren vooral walging en schuld, en niet verhoogde angst, bij het ophalen van herinneringen aan incestervaringen vergeleken met mensen met dezelfde ervaringen zonder PTSS (Shin et al., 1999). Badour (2013) onderzocht 22 vrouwen met een geschiedenis van seksueel geweld en 19 vrouwen met een geschiedenis van niet-seksueel geweld. Seksueel geweld en de ernst van PTSS-symptomen voorspelden de versterking van gevoelens van walging, van vies zijn en de drang om zich te wassen. Dit werd alleen in de groep met seksueel geweldservaringen gevonden. Daarnaast voorspelde een verhoogde PTSS-symptoomernst grotere aan het trauma gerelateerde walgingsreacties. In behandeling leidt alleen langdurige blootstelling aan cues die walging oproepen vanwege mentale contaminatie tot vermindering van (zelf)walging (De Jong, 2014). Bos geeft tot slot klinische toepassingen voor de behandeling van walging bij trauma, onder meer met cognitieve herstructurering en imaginaire modificatie. Een voorbeeld bij een cliënt met walging door contaminatie is het samen onderzoeken van het concept celvernieuwing door hierover informatie op te zoeken, te berekenen naar de eigen situatie en daarover een mentale voorstelling te maken. Dit kan als huiswerk worden meegenomen in de behandeling.

Joanne Mouthaan, Universiteit Leiden, Redactie NtVP-katern Cogiscope

© 2017 NTVP - All Rights Reserved